Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3.2

Artikel 3.2.4

Bemiddeling op verzoek van de woningzoekende

Onderdeel van Beleidsregel urgentieverklaringen Delft 2019

1.. Na afloop van de geldigheidstermijn van een toegewezen urgentieverklaring kan een aanvraag door de woningzoekende worden ingediend voor een eenmalig bemiddelingsaanbod. 2.. De aanvraag, zoals bedoeld in het eerste lid, kan uitsluitend worden gedaan binnen twee weken na afloop van de geldigheidstermijn van een eerder toegewezen urgentieverklaring. 3.. Het eenmalig bemiddelingsaanbod, bedoeld in het eerste lid, kan uitsluitend worden toegewezen als de aanvrager kan aantonen dat de urgentieverklaring niet binnen de termijn waarop deze geldig was kon worden benut en de toetsingscommissie dit bevestigend adviseert. 4.. In aanvulling op het derde lid kan een éénmalig bemiddelingsaanbod uitsluitend worden toegewezen, indien aan alle voorwaarden voor de toewijzing van een urgentieverklaring is voldaan en er na afloop van de urgentieverklaring nog steeds sprake is van een urgent huisvestingsprobleem. 5.. Voor de aanvraag van een eenmalig bemiddelingsaanbod dient de aanvrager het door de gemeente daartoe beschikbaar gestelde formulier in te vullen.

Rechtspraak bij dit artikel