**1..** Het college kan een vervoersvoorziening toekennen aan een belanghebbende met een structurele functionele beperking als gevolg van ziekte of handicap als deze persoon niet in staat is om zelfstandig van en naar zijn werkplek te reizen.
**2..** De voorwaarden om voor een vervoersvoorziening in aanmerking te komen zijn:
de noodzaak van de voorziening is vastgesteld door een deskundige van de gemeente;
er is sprake van (een proefplaatsing leidend tot) een arbeidsovereenkomst voor de duur van tenminste zes maanden en voor minimaal twaalf uur per week.
belanghebbende, zoals bedoeld in het eerst lid, kan geen aanspraak maken op een voorliggende voorziening, bijvoorbeeld op een vervoersvoorziening vanuit de WMO of via het UWV of een zorgverzekeraar.
de kosten van de vervoersvoorziening dienen proportioneel te zijn; en
belanghebbende heeft de vervoersvoorziening nog niet aangeschaft.
** 3. .** Het college gaat bij het toekennen van een vervoersvoorziening uit van de goedkoopste voorziening die voor belanghebbende geschikt is.
** 4. .** De uitgangspunten voor vervoersvoorzieningen die de gemeente Delft in de beleidsregels en het Besluit voorzieningen maatschappelijke ondersteuning heeft vastgelegd, zijn leidend.
** 5. .** Het college kan de beleidsregels UWV normbedragen en voorzieningen voor het lopende kalenderjaar als referentiekader gebruiken, voor zover lid 4 hierin niet voorziet.
** 6. .** In afwijking van lid 4 en lid 5 zijn er geen drempelbedragen, inkomensgrenzen of eigen bijdragen van toepassing.
Hoofdstuk 2.
Artikel 2.3.