De doelstelling van deze subsidie is beschreven in artikel 1 lid 8.
De doelgroep wordt gevormd door de inwoners, organisaties en bedrijven van Best.
De aanvrager is een inwoner, een groep inwoners of een rechtspersoon zonder winstoogmerk die functioneert op basis van vrijwillige inzet.
Subsidie kan verleend worden voor de volgende activiteiten:
Partnerschap
Het partnerschap omvat tenminste de volgende aspecten:
Het ondersteunen van de gemeente bij het actief en positief uitdragen van het belang van de duurzaamheidstransitie, onder andere via verschillende (social) media. Hiertoe levert de partner minimaal 8 keer per jaar een artikel aan voor plaatsing in Groeiend Best in de sectie van de gemeente met duurzaam nieuws.
Het adviseren over het belang van duurzaamheid vanuit het perspectief van inwoners en bedrijven in Best, onder andere in gesprekken met de gemeente en tijdens inspreekmomenten bij de raad.
Het ondernemen van diverse activiteiten om bewustwording en acceptatie op het gebied van duurzaamheid te bewerkstelligen en daarbij tevens maatregelen en initiatieven van de gemeente Best (zoals de Groene Zone) of maatregelen en initiatieven die relevant zijn voor Best onder de aandacht te brengen.
Communicatie
Het publiceren van artikelen in Groeiend Best in de sectie van de gemeente met duurzaam nieuws, waarbij de gemeente het redigeren en de lay-out verzorgt.
Ontwikkeling
Het gaat om de volgende activiteiten:
Het volgen van een schrijfcursus voor het opstellen van artikelen, blogs etc., dat resulteert in minimaal 5 artikelen, blogs etc. binnen één jaar na de subsidieverlening.
Per moment waarop subsidie kan worden aangevraagd, zoals beschreven in lid 5 onder d, wordt subsidie verleend aan maximaal 2 deelnemers.
Het volgen van een cursus waarmee het mogelijk is om inwoners, organisaties en bedrijven (beter) te begeleiden in de duurzaamheidstransitie. Bij de training tot energiecoach resulteert dit in minimaal 5 duurzaam wonen adviezen. Een specifiek advies of traject mag door maximaal één persoon als verantwoording worden ingediend. Bij andere cursussen is de tegenprestatie nader te bepalen in overleg met de gemeente.
Projecten.
Het gaat om de volgende projecten:
Activiteiten die er aan bijdragen dat inwoners (in gezamenlijkheid) werk maken van de energietransitie. Denk hierbij aan de gezamenlijke inkoop van energiebesparende maatregelen en het opzetten van collectieve duurzame energie initiatieven.
De begeleiding van het proces rond het verkennen van de mogelijkheden om een woning te verduurzamen tot en met het daadwerkelijk uitvoeren van de mogelijkheden.
Activiteiten die bewustwording en acceptatie bevorderen. Zoals het verstrekken van informatie over de Regionale Energie Strategie en daarbij aansluitende maatregelen.
Activiteiten gericht op jongeren. Bijvoorbeeld les geven aan leerlingen van het primair en/of middelbaar onderwijs in Best over de milieuproblematiek, duurzaamheid en/of de energie- en materiaaltransitie.
Train de trainer activiteiten. Bijvoorbeeld docenten leren hoe duurzaamheid in de reguliere lessen geïntegreerd kan worden.
Voor de aanvraag geldt het volgende:
De aanvraag moet worden ingediend met gebruikmaking van een aanvraagformulier.
Een aanvraag voor activiteiten zoals beschreven in lid 4 onder a (partnerschap) moet uiterlijk 1 oktober in het jaar voorafgaand aan het jaar waarin de activiteiten worden uitgevoerd, worden ingediend.
Een aanvraag voor activiteiten zoals beschreven in lid 4 onder b (communicatie) kan doorlopend worden ingediend. Het te plaatsen artikel moet bij de aanvraag worden gevoegd.
In afwijking van de ASV zijn er drie momenten waarop een aanvraag voor de overige activiteiten kan worden ingediend:
1 oktober in het jaar voorafgaand aan het jaar waarin de activiteiten worden uitgevoerd.
1 mei in het jaar waarin de activiteiten worden uitgevoerd.
1 september in het jaar waarin de activiteiten worden uitgevoerd.
In afwijking van de ASV gelden de volgende beslistermijnen:
Binnen 4 weken wordt beslist op de aanvragen voor activiteiten zoals beschreven in lid 4 onder b (communicatie).
Uiterlijk 31 december wordt beslist op de aanvragen die voor 1 oktober zijn ingediend.
Uiterlijk 30 juni wordt beslist op de aanvragen die voor 1 mei zijn ingediend.
Uiterlijk 31 oktober wordt beslist op de aanvragen die voor 1 september zijn ingediend.
Aanvullend op de voorwaarden zoals opgenomen in artikel 3 gelden de volgende subsidievereisten:
De te declareren kosten mogen pas worden gemaakt nádat subsidie is toegekend. Kosten die daarvóór worden gemaakt, komen niet in aanmerking voor subsidie.
De gemeente moet de te publiceren artikelen zoals beschreven in lid 4 onder b goedkeuren.
Voor activiteiten zoals beschreven in lid 4 onder c moet de deelname voldoende onderbouwd worden aan de hand van een motivatie.
Het college bepaalt de hoogte van de subsidie op basis van de door het college noodzakelijk geachte subsidiabele kosten. De subsidie bedraagt maximaal:
€ 7.500,- voor alle activiteiten van één aanvrager gezamenlijk.
€ 1.000,- voor het partnerschap zoals beschreven in lid 4 onder a.
€ 150,- per deelnemer voor het volgen van een schrijfcursus zoals beschreven in lid 4 onder c. Voor een andere cursus zoals beschreven in lid 4 onder c is dit € 300,- per deelnemer.
Voor de overige activiteiten gelden de volgende uitgangspunten:
De kosten die in aanmerking komen voor subsidie zijn in ieder geval de kosten voor het plaatsen van artikelen, de aanschaf van lespakketten en materialen, sprekers, zaalhuur etc. De uren van vrijwilligers komen niet in aanmerking voor subsidie.
De volgende wegingscriteria worden in acht genomen:
De financiële draagkracht. Subsidieverlening vindt alleen plaats als overige mogelijkheden voor het verkrijgen van inkomsten voldoende zijn benut en financiering door de gemeente noodzakelijk is. Subsidie is het sluitstuk. We verwachten van aanvragers dat zij hun draagkracht maximaal benutten door zich voldoende in te spannen om inkomsten te werven uit deelnemersbijdragen, contributie, entreeprijzen, donaties, fondsen en sponsoring, ect. Dit betekent ook dat indien de subsidie niet volledig nodig was voor het uitvoeren van de activiteit(en), het restant moet worden terugbetaald.
Doelmatigheid. Daarbij gaat het om de vraag of het subsidiebedrag aanvaardbaar is ten opzichte van wat daarmee bereikt wordt en of de budgetten efficiënt worden ingezet. We kijken bijvoorbeeld naar het aantal mensen dat bereikt wordt of deelneemt en uit welke doelgroep deze komen in verhouding tot de gevraagde subsidie.
Per activiteit zoals genoemd in lid 4 stelt het college jaarlijks een deelplafond vast. Hierbij geldt het volgende:
Het deelplafond voor de communicatie, zoals beschreven in lid 4 onder b, wordt in twee gelijke delen verdeeld, één deel wordt beschikbaar gesteld vanaf januari en één deel is beschikbaar vanaf mei tot en met december.
Vanaf 1 mei kunnen de resterende gelden van de deelplafonds (deels) worden samengevoegd in één subsidieplafond voor alle activiteiten zoals genoemd in lid 4.
Indien subsidiëring van de tijdig en volledig ingediende subsidieaanvragen die voldoen aan de subsidievereisten zou leiden tot een overschrijding van het deelplafond dan wel subsidieplafond, wordt op de aanvragen beslist op volgorde waarop ze binnenkomen.
Artikel 12