Naar hoofdinhoud
4.13.1 Keuzemogelijkheid Het bieden van ondersteuning is maatwerk. In Lansingerland wordt op basis van iemand zijn individuele situatie beoordeeld of en waarvoor hij ondersteuning nodig heeft en op welke wijze hij deze kan krijgen. Uitgangspunt bij het bieden van ondersteuning is individueel maatwerk. Dit geldt ook voor de verstrekkingsvorm waarin een inwoner de ondersteuning wil ontvangen: via Zorg in Natura of deze zelf inkopen en organiseren via een PGB. Het PGB bestaat uit een geldbedrag waarmee mensen die in aanmerking komen voor zorg of ondersteuning, zelf de benodigde hulp kunnen inkopen. Het is bedoeld als alternatief voor inwoners die zelf ondersteuning willen inkopen omdat zij vinden dat dit leidt tot een betere en effectievere ondersteuning dan een oplossing via Zorg in Natura. De inwoner krijgt het PGB op basis van de goedkoopst adequate voorziening en betaalt een eventueel restbedrag bij. De risico´s die deze keuze met zich meebrengt zijn voor de inwoner zelf. Een voorziening in natura is ondersteuning die rechtstreeks door een aanbieder wordt geleverd, ook wel ZIN genoemd. 4.13.2 Regels voor een PGB (PGB) bij een maatwerkvoorziening Een PGB (PGB) kan een geschikt instrument zijn voor de inwoner om zijn leven naar eigen wensen en behoeften in te vullen. Het is een verstrekkingsvorm die bij uitstek geschikt is voor mensen die zelf de regie over hun leven kunnen voeren. Het college verstrekt een PGB alleen ten aanzien van maatwerkvoorzieningen. Dat betekent dat bij algemene voorzieningen geen PGB verstrekt wordt. De Centrale Raad van Beroep onderschrijft dit in diverse uitspraken. Er wordt bij een PGB het volgende onderscheid gemaakt. PGB voor diensten, zoals hulp bij het huishouden en begeleiding PGB budget voor zaken, zoals hulpmiddelen, woonvoorzieningen, vervoersvoorzieningen en rolstoelen. 4.13.3Voorlichting Zoals uit de Wmo 2015 is af te leiden, is het belangrijk dat inwoners voor verstrekking goed weten wat het PGB inhoudt en welke verantwoordelijkheden ze daarbij hebben. Deze voorlichting zal al bij het moment van aanvragen worden gegeven. Tijdens het gesprek, maar ook later tijdens de aanvraagprocedure, zal de inwoner door de Wmo consulent worden geïnformeerd. Daarnaast verzorgt het servicecentrum PGB van de Sociale Verzekeringsbank (SVB) voorlichting voor en ondersteuning van budgethouders. 4.13.4Toetsen bekwaamheid van de aanvrager Om voor een PGB in aanmerking te komen dient de inwoner in een persoonlijk PGB-plan toe te lichten waarom hij bewust kiest voor een maatwerkvoorziening in de vorm van een PGB. Van de aanvrager wordt verwacht dat deze de aan het PGB verbonden taken op een verantwoorde wijze kan uitvoeren. Bij deze taken kan gedacht worden aan: Het kiezen van een zorgverlener die in de zorgvraag voldoet. Het aangaan van een contract. Het in de praktijk aansturen van de zorgverlener en het bijhouden van een juiste administratie. Door de invoering van het trekkingsrecht, waarbij het belangrijkste deel van het budgetbeheer wordt overgenomen door de SVB, gaat het bij het toetsen van de bekwaamheid niet om de vaardigheden van de inwoner om een budget te beheren. Wettelijk is bepaald dat een PGB-houder die voor 4 dagen of meer per week ondersteuning inkoopt een werkgever is, met de werkgeversplichten die hierbij horen (o.a. overeenkomen van een redelijk uurloon, het doorbetalen van loon bij ziekte en het hanteren van een redelijke opzegtermijn). Mocht de gemeente van oordeel zijn dat de inwoner de aan het PGB verbonden taken niet op verantwoorde wijze kan uitvoeren, dan kan de gemeente het PGB weigeren. Dit is een beslissing van de gemeente waar tegen een aanvrager vervolgens bezwaar kan maken. 4.13.5Motivering door aanvrager in PGB plan Een maatwerkvoorziening in de vorm van een PGB wordt alleen verstrekt indien de inwoner dit, aan de hand van een opgesteld plan, vraagt. In dit plan moet het volgende staan: De inwoner moet in dit plan helder maken waarom de inwoner wil dat de maatwerkvoorziening als budget geleverd moet worden; Het budget moet in het individuele geval de zelfredzaamheid (regie) dus versterken of tenminste waarborgen. Als iemand bijvoorbeeld is aangewezen op zorg én ondersteuning die door verschillende aanbieders wordt geboden en dat aantal met een budget kan worden teruggebracht of de ondersteuning op beter gepaste tijden kan worden ingekocht is hier sprake van. Daarnaast volgt uit dit punt dat de inwoner geen gebruik mag maken van een bemiddelingsbureau, die alleen de administratieve verwerking van het budget doet. Het budget mag ook niet gebruikt worden om Zorg in Natura in te kopen. De inwoner moet aantoonbaar maken dat de met het budget in te kopen maatwerkvoorziening veilig, rechtmatig en inwonergericht wordt verstrekt. Aan de overeenkomst die betrokkene voornemens is met de aanbieder te sluiten mag de gemeente eisen stellen. Vanzelfsprekend zijn die eisen afhankelijk van de soort maatwerkvoorziening. Zo mogen aan ambulante begeleiding bij het zelfstandig wonen andere (professionele) eisen worden gesteld dan aan Hulp bij het Huishouden. Eenvoudig gezegd sluit het aan op het resultaat (het doel) dat mag worden verwacht. De gemeente mag daarbij niet de normen van grote aanbieders gebruiken omdat daarmee beroepskrachten zonder personeel buiten de boot vallen. In het plan moeten de afspraken staan tussen inwoner en leverancier, waaronder: de benodigde inzet van professionals; het benodigd budget op basis van het te behalen resultaat; jet afgesproken resultaat en de wijze van evaluatie van het resultaat. Dit moet vormgegeven worden in een zorgovereenkomst. Het tarief voor een budget moet toereikend zijn om effectieve en kwalitatief goede zorg in te kopen en bedraagt ten hoogste de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopst adequate maatwerk-voorziening in natura. De hoogte van een budget voor dienstverlening is opgebouwd uit verschillende kostencomponenten, zoals salaris, vervanging tijdens vakantie en indien noodzakelijk verzekeringen. Het tarief bestaat niet uit reiskosten. Er worden eisen gesteld aan de professionele hulpverlening. Zo moet aantoonbaar gemaakt worden dat de zorg geleverd wordt door iemand die de competenties heeft om de behoefte aan zorg en ondersteuning in beeld te brengen. De professionele ondersteuning moet onder meer kennis hebben van (consequenties van) beperkingen, de mogelijkheden van het zorgaanbod kennen, kunnen meedenken met de inwoner, maar ook grenzen kunnen aangeven. Dit betekent dat een hulpverlener een professionele opleiding heeft gevolgd ofwel aantoonbaar kan maken dat het bovenstaande het geval is. In het plan van de inwoner kan hij of zij de wens uitspreken om zijn sociale netwerk in te willen zetten. De gemeente is van mening dat de beloning van het sociale netwerk in elk geval zoveel mogelijk beperkt moet blijven tot die gevallen waarin het de gebruikelijke hulp overstijgt. Een inwoner die zijn sociale netwerk tegen betaling vanuit een PGB wenst in te zetten dient expliciet te maken dat mensen uit zijn sociale netwerk alleen tegen betaling bereid zijn de noodzakelijke zorg te leveren. Ook moet de inwoner aantoonbaar maken dat aan alle eisen zoals onder punt 6 benoemd door het sociale netwerk voldaan kan worden. In het plan van de inwoner kan hij of zij de wens uitspreken om een huisgenoot in te willen zetten. De gemeente is van mening dat de beloning van huisgenoten beperkt moet blijven tot die gevallen waarin er geen alternatief is, omdat hulp door huisgenoten in beginsel als gebruikelijk moet worden gezien. Onder gebruikelijke hulp wordt daarbij verstaan de van huisgenoten, gelet op hun draagkracht, in redelijkheid te verwachten hulp. Ook moet de inwoner dan aantoonbaar maken dat alle eisen zoals onder punt 6. benoemd door huisgenoten gedaan kunnen worden. Daarnaast moet deze zorg komen bovenop de gebruikelijke dagelijkse hulp. Van inwonende eerste- en tweede graad familieleden kan meer gebruikelijke hulp worden verwacht dan van inwonende personen met wie geen verdere (familie)relatie bestaat. Door het opstellen van een persoonlijk plan wordt de inwoner gestimuleerd na te denken over zijn zorgvraag, deze uit te werken en te concretiseren en tevens het doelbereik en daarmee de kwaliteit van de zorg te evalueren. De gemeente is in de nieuwe Wmo namelijk verantwoordelijk voor het niet alleen controleren van de rechtmatigheid van het gebruik van een PGB, maar ook de doelmatigheid en in bijzonder de kwaliteit van de producten of diensten die worden ingekocht met een PGB. 4.13.6Beperking PGB Sommige voorzieningen zijn uitgesloten van een PGB: Algemene voorzieningen die in de gemeente aanwezig zijn. Spoedeisende hulp. Betaling aan tussenpersonen of belangbehartigers. Begeleiding- of administratiekosten in verband met het PGB. Reiskosten, feestdagen uitkering, eenmalige uitkering en een vrij besteedbaar bedrag. PGB voor voorzieningen PGB’s voor voorzieningen, zoals trapliften en scootmobielen, worden ook via het trekkingsrecht aan de recht-hebbende inwoners beschikbaar worden gesteld. Controle op deze PGB’s zal plaatsvinden aan de hand van door de inwoner ingediende facturen. 4.13.7PGB voor een hulpmiddel Wanneer een budgethouder kiest voor een PGB krijgt hij na indicatie bij de beschikking een Programma van Eisen (PvE) waar de voorziening aan moet voldoen. De budgethouder kan op basis van dit PvE zelf de voorziening aanschaffen. De budgethouder is zelf verantwoordelijk voor: Het inkopen van het hulpmiddel of hulp. Het onderhoud, de reparaties en de verzekering van hulpmiddel. Als de budgethouder een andere voorziening wil, kan hij daarvoor kiezen onder de voorwaarde dat de voorziening geen (andere) belemmeringen oproept. De voorziening die de inwoner aanschaft moet wel de beperking op hetzelfde niveau compenseren als in het programma van eisen wordt gesteld en niet slechts een deel van het probleem oplossen. 4.13.8Duur van de toekenning De voorziening in de vorm van PGB wordt toegekend voor een periode van 7 jaar (tenzij anders beschreven in de beschikking). Als de voorziening tussentijds niet blijkt te voldoen en er geen sprake is van veranderde omstandigheden, kan geen beroep worden gedaan op een vervangende voorziening. De situatie van de inwoner kan verslechteren. Als wordt verwacht dat de inwoner (langzaam) achteruit zal gaan, wordt dit ook opgenomen in het PvE. Indien nodig dient de inwoner mee te werken aan een medisch onderzoek of een passing. 4.13.9Aanschaf Na ontvangst van de beschikking heeft de inwoner 3 maanden de tijd om de voorziening aan te schaffen. De Wmo consulent zal na 2 maanden contact opnemen met inwoner om te vragen of het lukt om een voorziening aan te schaffen. Mocht het nodig zijn dan krijgt de inwoner dan de mogelijkheid om alsnog naar Zorg in natura over te stappen. 4.13.10Omzetting PGB in voorziening in natura Een omzetting van het PGB in een voorziening in natura is niet meer mogelijk nadat het PGB reeds is besteed aan een voorziening. De inwoner moet dan ten minste 7 jaar wachten met het doen van een nieuwe aanvraag, tenzij in de beschikking anders is bepaald. Een voorziening of een PGB voor een voorziening wordt immers in beginsel voor 7 jaar verstrekt. 4.13.11Beschikking PGB Als de inwoner kiest voor een PGB, wordt in de toekenningbeschikking opgenomen: het budget waarmee de voorziening of hulp kan worden ingekocht; het feit dat er een eigen bijdrage moet worden betaald; de periode waarvoor deze toekenning geldt of de termijn waarbinnen de voorziening aangeschaft dient te zijn. De toekenning eindigt wanneer: De budgethouder verhuist naar een andere gemeente. Als de budgethouder wordt opgenomen in een Wlz-instelling en deze opname een permanent karakter heeft. Als de budgethouder recht heeft op zorg volgens een andere regeling. De budgethouder overlijdt. Als de indicatieperiode of geldigheidsduur is verstreken. Als de budgethouder aangeeft dat zijn situatie is veranderd en (de gemeente) vaststelt dat de voorziening niet meer voldoet. De budgethouder geen verantwoording aflegt. De budgethouder zijn PGB laat omzetten in ZIN. Bij beschikking maakt het college zijn besluit aan de aanvrager bekend. In deze beschikking vermeldt het college wat de omvang van het PGB is en voor hoeveel jaar het PGB bedoeld is. Om volstrekt duidelijk te laten zijn wat met het PGB dient te worden aangeschaft en meer precies: aan welke vereisten de aan te schaffen voorziening dient te voldoen, wordt een zo nauwkeurig mogelijk omschreven PvE bij de beschikking gevoegd. Hierdoor kan voorkomen worden dat door onduidelijkheid omtrent de eisen die aan de voorziening gesteld moeten worden een verkeerde voorziening wordt aangeschaft. Dat wil zeggen een voorziening waarmee het beoogde resultaat niet bereikt kan worden. Dat zou tot inadequate voorzieningen kunnen leiden, waardoor het te bereiken resultaat, het compenseren van problemen, niet bereikt wordt, wat op zich weer tot nieuwe aanvragen aanleiding zou kunnen zijn. Dit is uitsluitend te voorkomen door een PvE onderdeel uit te laten maken van de beschikking. Wordt dan toch een voorziening aangeschaft die niet aan dat PvE voldoet, dan is gehandeld in strijd met de beschikking. Het college neemt in de beschikking ook op dat er een eigen bijdrage/eigen aandeel in de kosten verschuldigd is. Omdat die eigen bijdrage vastgesteld en geïnd zal worden door het CAK, zal in de meeste gevallen uitsluitend een aankondiging opgenomen kunnen worden. 4.13.12Trekkingsrecht In de Wmo 2015 is de verplichting opgenomen dat de gemeente PGB’s uitbetaalt in de vorm van trekkingsrecht. Dit houdt in dat de gemeente het PGB niet op de bankrekening van de budgethouder stort, maar op rekening van het servicecentrum PGB van de SVB. De budgethouder laat via declaraties of facturen aan de SVB weten hoeveel uren hulp zijn geleverd en de SVB zorgt vervolgens voor de uitbetaling van de zorgverlener. De niet bestede PGB bedragen worden door de SVB na afloop van de verantwoordingsperiode terugbetaald aan de gemeente. Ook de PGB’s voor een hulpmiddel of voorziening moeten worden overgemaakt naar de SVB, waarna de SVB de ingezonden facturen betaalt. 4.13.13Controle en terugvordering PGB Het college streeft er naar om terugvordering achteraf te voorkomen. De gemeente zal daarom alle zorgovereenkomsten die budgethouders sluiten, voordat betaling aan deze hulpverlener plaatsvindt toetsen. De gemeente zal daarom vooraf om informatie vragen. Daarnaast worden er in de regel geen langlopende indicaties afgeven. Hiermee wordt periodiek bezien of de indicatie die iemand heeft -en daarmee zijn PGB- nog past bij zijn individuele situatie. Ook ontvangt een inwoner een vergoedingenlijst waarop staat welke kosten wel en niet voor PGB-vergoeding in aanmerking komen. Eventuele ondersteuning wordt door het PGB servicecentrum van het SVB voor inwoner gratis geboden; dus hier zijn geen kosten voor opgenomen in het PGB. Daarnaast worden op basis van risicoanalyses en bestandsanalyses heronderzoeken bij budgethouders ingepland en uitgevoerd; 4.13.14De voorziening in natura Bij een voorziening in natura verstrekt het college deze. Wordt een voorziening niet als PGB verstrekt, maar in natura, dan zal toekenning ook bij beschikking plaatsvinden. In de beschikking worden de voorwaarden opgenomen waaronder verstrekking plaatsvindt. Regels voor bijdrage voor maatwerkvoorzieningen en algemene voorzieningen De wet maakt een onderscheid tussen de bijdragen in de kosten van algemene voorzieningen en maatwerk-voorzieningen. De bijdragen in de kosten van algemene voorzieningen mag de gemeente bepalen en dit mag kostendekkend zijn. De bijdragen in de kosten van maatwerkvoorzieningen zijn gelimiteerd tot een bedrag gelijk aan de kostprijs van de voorziening.

Rechtspraak bij dit artikel