De woonwagenstandplaatsen van de gemeente maken onderdeel uit van het gemeentelijk Vastgoed. Het onderhoud is (en was) ondergebracht bij de afdeling Beheer.
Alle woonwagens zijn in het verleden overgedragen aan de bewoners, maar tegelijkertijd zijn er geen opstalrechten gevestigd. Daarnaast ontbreken bij vrijwel alle woonwagens en opstallen de benodigde omgevingsvergunningen.
Ook ontbreekt een vast aanspreekpunt voor woonwagen-gerelateerde vragen en zijn zaken zoals wachtlijstbeheer en toewijzing nog niet geregeld.
De verhuur van standplaatsen zou niet anders mogen zijn dan de verhuur van een huurwoning van een corporatie. Het gegeven dat de gemeente dit nog steeds zelf in de verhuur heeft, geeft al aan dat dit blijkbaar toch niet helemaal hetzelfde is.
Het hebben van ‘woonwagenbeleid’ impliceert een verbijzondering van een groep die bij wet gelijk is aan ieder andere woningzoekende in het sociale segment. Het woonwagenbeleid is echter tijdelijk en primair bedoeld om de huidige situatie op de woonwagenlocaties te normaliseren met het oog op eigendomsoverdracht aan derden (toegelaten instellingen zoals de woningcorporaties, of aan de individuele huurders).
‘Normalisatie’ wil zeggen dat woonwagenbewoners niet alleen dezelfde rechten hebben als de overige inwoners van de gemeente Steenbergen, maar ook dezelfde plichten. Daarnaast mogen woonwagenbewoners niet anders worden behandeld dan andere burgers. Dit vergt een normalisatie aan zowel de kant van de bewoners als aan de kant van de gemeente. Anderzijds heeft de Nationale ombudsman in 2017 een rapport uitgebracht, ‘Woonwagenbewoner zoekt standplaats’, waarin is aangegeven dat de mensenrechten van de woonwagenbewoners gewaarborgd en de culturele identiteit van woonwagenbewoners erkend moeten worden. In dit beleid is getracht met beide zaken zoveel als mogelijk rekening te houden.
Hoofdstuk 2.
Artikel 2.1.
Aanleiding
Onderdeel van Woonwagenbeleid van de gemeente Steenbergen 2019, vastgesteld door de gemeenteraad