- Standplaats
een kavel, bestemd voor het plaatsen van een woonwagen, waarop voorzieningen aanwezig zijn die op het leidingnet van de openbare nutsbedrijven, andere instellingen of van gemeenten kunnen worden aangesloten (artikel 1, onderdeel j, van de Wet op de huurtoeslag);
Woonwagen
een voor bewoning bestemd gebouw dat is geplaatst op een standplaats en dat in zijn geheel of in delen kan worden verplaatst (artikel 1, onderdeel l, van de Wet de huurtoeslag);
Woonwagenbewoner(s)
Persoon(personen) die zich van generatie op generatie als woonwagenbewoner hebben gemanifesteerd, hieronder vallen Roma, Sinti, ‘reizigers’ en rondreizende kermisexploitanten en circusartiesten. (Deze begripsomschrijving is overgenomen uit het beleidskader ‘Gemeentelijk woonwagen- en standplaatsenbeleid’ van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties d.d. 12 juli 2018). In geval van huwelijk of samenlevende volwassen partners dient minimaal één van de partners een woonwagenbewoner te zijn;
Afstammingsbeginsel
Het beginsel dat een standplaats, zowel koop als huur, die vrijkomt weer wordt verhuurd of verkocht aan mensen die afstammen van mensen die van oudsher woonwagenbewoners zijn. Men moet aantonen van generatie op generatie woonwagenbewoners te zijn (ouders en grootouders). Of men op dit moment wel of niet woont op een woonwagenlocatie is niet van belang;
Huurovereenkomst
de overeenkomst tussen de huurder en de verhuurder van de standplaats met toebehoren, waarin de huurbepalingen voor de standplaats zijn geregeld;
Hoofdstuk 2.
Artikel 2.7.
Begripsbepalingen
Onderdeel van Woonwagenbeleid van de gemeente Steenbergen 2019, vastgesteld door de gemeenteraad