Gemeenten worden steeds vaker geconfronteerd met de aanwezigheid van hennepkwekerijen in woningen en lokalen en/of de handel van middelen als bedoeld in lijst I of II van de Opiumwet1Op lijst I staan drugs met een onaanvaardbaar risico (de zogenaamde harddrugs). Op lijst II staat de hennepplant waar hasj en wiet van gemaakt wordt (de zogenaamde softdrugs). vanuit genoemde locaties. Artikel 13b Opiumwet geeft de burgemeester de bevoegdheid om bestuursdwang toe te passen indien in woningen of lokalen (dan wel de bijbehorende erven) middelen als bedoeld in de Opiumwet worden verkocht, afgeleverd of verstrekt, dan wel daartoe aanwezig zijn en tevens als een voorwerp of stof als bedoeld in artikel 10a lid 1 onder 3 of artikel 11a Opiumwet voorhanden is.
Vanuit de gedachte dat uitsluitend een integrale aanpak een einde kan maken aan de ongewenste ontwikkelingen ten aanzien van hennepkwekerijen – niet alleen in de gemeente Ermelo, maar in heel de provincie Gelderland als ook in Overijssel - hebben de betrokken partners in 2014 besloten tot het ondertekenen van het ‘Convenant integrale aanpak van ongewenste hennepkwekerijen Oost-Nederland’2De convenantpartners zijn: gemeenten in de provincies Overijssel en Gelderland, politie eenheid Oost-Nederland, Openbaar Ministerie, Woningcorporaties, netbeheerders, UWV, Veiligheidsregio’s. (hierna te noemen: hennepconvenant Oost). De integrale tekst van het hennepconvenant Oost is opgenomen in de bijlage. Het doel van deze samenwerking is het nemen van preventieve- en repressieve maatregelen om gevaarlijke situaties te beëindigen, activiteiten met betrekking tot hennepkwekerijen te voorkomen en te bestrijden, de leefbaarheid in de betreffende straten en buurten te verbeteren en gevoelens van onveiligheid weg te nemen. Daarbij heeft de samenwerking tevens tot doel om het oneigenlijke gebruik van woonruimte, het oneigenlijk gebruik van uitkeringen en het illegaal aftappen van elektriciteit te verhalen op de overtreder. Iedere convenantpartner heeft hierbij zijn eigen taken en verantwoordelijkheden.
De burgemeester kan gebruik maken van zijn bevoegdheid in artikel 13b Opiumwet, het betreft hier een discretionaire bevoegdheid. Dit betekent dat het gebruik van deze bevoegdheid geen verplichting is. Het opstellen van beleid is aldus wenselijk om te formuleren onder welke omstandigheden en op welke wijze gebruik zal worden gemaakt van de bestuursdwangbevoegdheid.
In de nu voorliggende beleidsregels staat de rol van de gemeente Ermelo beschreven en worden de kaders geschetst van de bestuursdwangbevoegdheid die de burgemeester op grond van artikel 13b Opiumwet heeft.
In 2015 is er een drugsbeleid vastgesteld. Met de onderliggende nota wordt het drugsbeleid geactualiseerd.
Allereerst vraagt de gewijzigde wetgeving in artikel 13b Opiumwet om aanpassing van het beleid. Voorheen bestond de bevoegdheid op grond van artikel 13b Opiumwet in beginsel alleen als daadwerkelijk een handelshoeveelheid drugs in een woning of lokaal aanwezig is. Per 1 januari 2019 kunnen ook strafbare voorbereidingshandelingen met betrekking tot handel in en productie van drugs de sluitingsbevoegdheid scheppen. Deze mogelijkheid is in dit beleid verwerkt. Daarnaast is het beleid geactualiseerd aan de hand van inzichten en ervaring die in de afgelopen drie jaar zijn opgedaan.
Hoofdstuk 1
Artikel 1.1