1. Het jaarlijkse subsidieplafond wordt bij vaststelling of wijziging van de begroting door de raad toegewezen.
2. Per aanvraag is maximaal €50.000,-- beschikbaar en activiteiten komen slechts eenmalig in aanmerking voor subsidie.
3. Voor subsidie komen alleen in aanmerking de redelijkerwijs te maken kosten die direct verbonden zijn met de activiteit.
4. In uw aanvraag (begroting) worden in elk geval de volgende kosten aangemerkt als niet- subsidiabel:
a. administratiekosten en andere overheadkosten;
b. kosten van personeel die niet direct betrokken zijn bij de activiteit;
c. kosten die worden besteed aan onderzoek of het ontwikkelen van werkmethoden.
5. In afwijking van lid 2 kan het college nogmaals subsidie verstrekken aan een eerder gesubsidieerde activiteit als naar oordeel van het college er sprake van een initiatief dat in potentie kansrijk is.
Artikel 8.
Subsidiebedrag en (niet-)subsidiabele kosten
Onderdeel van Subsidieregeling Preventiefonds voor professionals