Toelichting: de Gemeentewet kent het begrip ‘vertrouwelijk’ niet, maar spreekt alleen over ‘geheim(houding)’. Alleen voor de term ‘geheim’ zijn in de wet regels opgenomen over het opleggen en opheffen van geheimhouding en over de schending van geheimhouding. Voor stukken die als ‘vertrouwelijk’ of ‘niet openbaar’ zijn aangeduid, gelden die regels in beginsel niet. Om juridische risico’s te beperken, is het verstandiger om de term ‘geheim’ te gebruiken.
Geheimhouding kan in principe op alle stukken en agenda’s worden opgelegd, waarbij de vorm (papier of digitaal) niet uitmaakt. Het moet expliciet worden vermeld en het orgaan moet de geheimhouding kunnen beargumenteren (artikel 10 van de Wob).
De gemeenteraad kan zelfstandig in een besloten vergadering geheimhouding opleggen op alle informatie die daar behandeld wordt en ook op stukken die aan de raad worden overgelegd. Het college van B en W kan alleen op stukken van het college geheimhouding opleggen en deze moet worden opgelegd in dezelfde vergadering als waar het is besproken. Deze verplichting tot geheimhouding moet worden bevestigd door de raad. De geheimhouding wordt door allen die van deze informatie kennis dragen in acht genomen, totdat de gemeenteraad de geheimhouding weer opheft.
Het raadslid zorgt ervoor dat geheime informatie waarover hij beschikt veilig wordt bewaard.
Het raadslid maakt niet ten eigen bate of ten bate van derden gebruik van in de uitoefening van het ambt verkregen geheime informatie.
Het raadslid houdt zich aan de Verordening op de ambtelijke bijstand en de fractieondersteuning en de Verordening op de fractieassistenten.
Hoofdstuk
Artikel 3
Omgaan met informatie
Onderdeel van Besluit van de gemeenteraad van de gemeente Opmeer houdende regels omtrent gedragscode gemeenteraadsleden