Indien de debiteur op grond van de wet in het kader van invordering door middel van verrekening of dwangbevel de bescherming van de beslagvrije voet geniet, vervalt – naast hetgeen is bedoeld in hoofdstuk 5 van de Handhavingsverordening Waddinxveen 2013 – deze bescherming indien de debiteur zijn inlichtingenplicht niet of niet behoorlijk nakomt Voorafgaand aan het vervallen van de bescherming van de beslagvrije voet wordt de debiteur van het voornemen hiertoe en de consequenties hiervan schriftelijk op de hoogte gesteld. Voorts wordt de debiteur in gelegenheid gesteld binnen vijf werkdagen de verzochte informatie alsnog te verstrekken, tenzij gelet op de aard van de gevraagde informatie een langere hersteltermijn redelijk is. Indien de informatie niet alsnog wordt verstrekt, vervalt de bescherming van de beslagvrije voet zo snel mogelijk na het verstrijken van de gegeven hersteltermijn. Artikel 475g lid 2 van het Rv is dan van toepassing. Als de debiteur desgevraagd niet aan de beslaglegger of diens vertegenwoordiger opgeeft of en hoeveel inkomen toekomt aan degene aan wie samen met hem gezinsbijstand zou kunnen toekomen, wordt de beslagvrije voet gehalveerd. Indien na het verstrijken van de hersteltermijn de gevraagde informatie alsnog wordt verstrekt, zal per individueel geval worden bekeken of de bescherming van de beslagvrije voet alsnog wordt hersteld, met dien verstande dat de bescherming niet eerder wordt hersteld dan na drie maanden na overlegging van de gevraagde informatie.
HOOFDSTUK 3 › Paragraaf 3.9
Artikel 59.
Vervallen bescherming beslagvrije voet
Onderdeel van Debiteurenbeleid Waddinxveen 2013