**1..** Bij een verstopping of andere storing in het riool graaft de rechthebbende het aansluitpunt op en onderzoekt of het een verstopping of een storing betreft in het particulier riool of in de perceelaansluitleiding. Als er water ter hoogte van het aansluitpunt staat zit de verstopping in de openbare riolering of in de perceelaansluitleiding. Als er geen water ter hoogte van het aansluitpunt staat zit de verstopping in het particuliere riool.
**1..** Wanneer er geen erfafscheidingsput of ontstoppingsdtuk in de leiding aanwezig is zal inspectie of indien nodig het doorspuiten van de leiding plaats moeten vinden via de aansluiting van de in de woning aanwezige toiletpot. De rechthebbende zal daarvoor de toiletpot moeten verwijderen.
**2..** Als na het in lid 1 bedoelde onderzoek wordt vermoed dat sprake is van een verstopping of storing in de perceelaansluitleiding of van een verstopping of storing als gevolg van inspoeling vanuit de openbare riolering, neemt de rechthebbende of de gebruiker contact op met de gemeente voor het verrichten van de noodzakelijke werkzaamheden.
**3..** Als na het in lid 1 bedoelde onderzoek blijkt dat er sprake is van een verstopping of storing in het particulier riool moet de rechthebbende deze verstopping of storing zelf verhelpen.
**4..** Als bij of na het verrichten van de in lid 2 bedoelde werkzaamheden door de gemeente blijkt dat de kosten van deze werkzaamheden op grond van artikel 10 voor rekening van de rechthebbende of gebruiker behoren te zijn, worden de door de gemeente gemaakte kosten bij de rechthebbende of gebruiker in rekening gebracht.
**5..** Bij het door de gemeente verrichten van de in lid 2 bedoelde werkzaamheden dient de rechthebbende of gebruiker, voordat met de werkzaamheden wordt gestart, tevoren schriftelijk akkoord te gaan met de voorwaarde dat de kosten van de werkzaamheden aan hem in rekening worden gebracht indien na afloop of tijdens de werkzaamheden blijkt dat deze kosten op grond van hoofdstuk IV ‘Beheer en onderhoud’ voor zijn rekening zijn.
**6..** Indien de rechthebbende nader onderzoek verlangt en er geen afwijking worden geconstateerd in de perceelaansluiting, dan zijn de kosten voor de rechthebbende.
HOOFDSTUK
Artikel 11.