Naar hoofdinhoud
1.. Als nog geen perceelaansluitleiding aanwezig is, kan de rechthebbende aan wie ingevolge hoofdstuk II een aansluitvergunning is verleend, de gemeente verzoeken de perceelaansluitleiding aan te leggen, die nodig is voor het realiseren van de aansluiting of de wijziging daarvan, waarop de aansluitvergunning betrekking heeft. De rechthebbende moet een daartoe strekkend schriftelijk verzoek indienen bij burgemeester en wethouders. 2.. Bij het verzoek tot het aanleggen van een perceelaansluitleiding moeten in ieder geval de volgende gegevens door de rechthebbende worden vermeld: de naam en het woonadres van de rechthebbende; het nummer van de aansluitvergunning; de door rechthebbende gewenste datum van uitvoering. Het verzoek tot aansluiting wordt slechts in behandeling genomen als deze gegevens volledig zijn vermeld. 3.. Als de kosten van de aanleg van de perceelaansluitleiding reeds zijn voldaan uit hoofde van een eerder door de rechthebbende met de gemeente gesloten overeenkomst, moet de rechthebbende dit naast de in het tweede lid bedoelde gegevens bij het verzoek tot aansluiting of wijziging vermelden. 4.. Zo spoedig mogelijk doch uiterlijk binnen 1 week na de ontvangst van het verzoek stellen burgemeester en wethouders zoveel mogelijk in overleg met rechthebbende een termijn vast voor uitvoering van de aansluiting. Bij vaststelling van het tijdstip van uitvoering wordt zoveel mogelijk rekening gehouden met het door de rechthebbende gewenste tijdstip. MELDING TOT AANSLUITING, AANLEG OF WIJZIGING VAN DE PARTICULIERE RIOLERING OP DE PERCEELAANSLUITLEIDING

Rechtspraak bij dit artikel