Het rijksbeleid heeft vooral gestalte gekregen via de VROM-Inspectie. De VROM-Inspectie heeft in samenwerking met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten en de Vereniging van Internationale Arbeidsbemiddelaars (VIA) de kennis en ervaring van een aantal gemeenten gebundeld in de handreiking “Ruimte voor arbeidsmig ranten”. Deze handreiking is in oktober 2008 gepubliceerd en naar alle gemeenten in het land toegezonden. In de handreiking zijn de belangrijkste informatie en goede voorbeelden van bestaand beleid opgenomen. De handreiking biedt voorbeelden van mogelijke huisvestingsvormen en geeft richtlijnen waaraan goede huisvesting dient te voldoen (o.a. gebaseerd op het Bouwbesluit en de Woningwet).
De notitie geeft tevens inzicht in relevante wetten met betrekking tot de huisvesting van arbeidsmigranten. Er wordt verwezen naar:
de Algemene wet bestuursrecht;
de Wet ruimtelijke ordening (Wro) / het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) / de bestemmingsplannen;
het Bouwbesluit 2003;
de Woningwet / de Bouwverordening;
de Huisvestingswet (woningonttrekking);
de Leegstandswet;
de Huurwet;
de Uitvoeringswet Huurprijzen Woonruimte;
de Wet op het Binnentreden;
de Wet gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens;
de Wet bescherming persoonsgegevens;
het Besluit brandveilig gebruik bouwwerken;
Toekomstige ontwikkelingen.
Gemeenten hebben volgens de VROM-Inspectie meerdere taken bij de huisvesting van (tijdelijke) arbeidsmigranten. Allereerst hebben gemeenten de taak om initiatiefnemers voor huisvesting te adviseren en te ondersteunen. Ten tweede kunnen gemeenten, bij het uitblijven van huisvestingsinitiatieven vanuit de markt, een regisserende rol op zich nemen. De derde taak is de handhavingstaak: optreden tegen misstanden en overtredingen. (Brand)veiligheid voor de arbeidsmigranten staat daarbij vaak voorop, maar ook andere overtredingen kunnen aan de orde zijn, zoals op het vlak van de bouwregelgeving, de gebruiksvergunning, het bestemmingsplan of de openbare orde.
Een paar voorbeelden van de verantwoordelijkheden van gemeenten inzake de huisvesting van arbeidsmigranten zijn volgens de VROM-Inspectie:
het opstellen van een beleidskader;
het treffen van voorzieningen in het bestemmingsplan;
het treffen van voorzieningen in haar algemeen plaatselijke verordening (APV);
het verzoeken om een nachtregister bij te houden en te kunnen overleggen;
oordelen over bouw- en gebruiksvergunningen;
communiceren samen met werkgevers en met de omgeving;
het regionaal afstemmen van beleid en handhaving;
het handhaven van haar beleid;
het samenwerken met andere partijen bij handhavingsoverleg en -acties (bijvoorbeeld politie, vreemdelingenpolitie, Immigratie- en Naturalisatiedienst, Algemene Inspectiedienst, Sociale Inlichtingen- en Opsporingsdienst, Arbeidsinspectie, UWV-Werkbedrijf, Brandweer).
Niet enkel de gemeenten hebben verantwoordelijkheden met betrekking tot het goed huisvesten van arbeidsmigranten. De werkgever van de arbeidsmigrant dient zijn verantwoordelijkheid te nemen en zijn personeel goed te huisvesten.
Hoofdstuk 3.
Artikel 3.1
Landelijk beleid
Onderdeel van Beleid huisvesting arbeidsmigranten gemeente Woensdrecht