Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Artikel 5

Onderdeel van Verordening Controlecommissie

De commissie vergadert zo vaak zij nodig acht voor een goede uitoefening van haar taak. De commissie beraadslaagt in het openbaar. De adviezen kunnen schriftelijk of mondeling worden verstrekt. De commissie kan in een besloten vergadering, op grond van een belang, als bedoeld in artikel 10 van de Wet Openbaarheid van Bestuur omtrent het in die vergadering met gesloten deuren behandelde en omtrent de inhoud van stukken, die aan de Commissie worden overlegd geheimhouding opleggen. Geheimhouding omtrent het in een besloten vergadering behandelde wordt tijdens die vergadering opgelegd. De geheim¬houding wordt door hen die bij de behandeling aanwezig waren en allen die van het behandelde of de stukken kennis dragen, in acht genomen totdat de Commissie haar opheft. Op grond van een belang, genoemd in artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur kan de geheimhouding eveneens worden opgelegd door de voorzitter van de Commissie het college van Burgemeester en Wethouders en de Burgemeester, die ten aanzien van de stukken die zij aan de Commissie overleggen. Daarvan wordt op de stukken melding gemaakt, dan wel de Gemeenteraad haar opheft. Indien de commissie zich ter zake van het behandelde waarvoor een verplichting tot geheimhouding geldt, tot de Raad heeft gericht, wordt de geheimhouding in acht genomen totdat de Raad haar opheft.

Rechtspraak bij dit artikel