** 1. .** De aanvraag dient te zijn ingediend overeenkomstig het bepaalde in artikel 4.
** 2. .** De belanghebbende dient woonachtig te zijn in de gemeente Hardenberg en dient als zodanig in de gemeentelijke basisregistratie personen te zijn ingeschreven.
** 3. .** De belanghebbende is op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder.
** 4. .** De hoogte van de subsidie wordt gebaseerd op het netto besteedbaar gezinsinkomen van de belanghebbende op de datum van aanvraag. Hiervoor geldt:
bij een netto gezinsinkomen tot 130 procent van de bijstandsnorm ontvangt de belanghebbende een vergoeding van maximaal € 250,-- voor de activiteit(en) als bedoeld in artikel 3, lid 2 waaraan belanghebbende in één kalenderjaar heeft deelgenomen;
bij een netto gezinsinkomen tussen 130 procent en 140 procent van de bijstandsnorm ontvangt de belanghebbende een vergoeding van maximaal € 125,-- voor de activiteit(en) als bedoeld in artikel 3, lid 2 waaraan belanghebbende in één kalenderjaar heeft deelgenomen;
** 5. .** Indien belanghebbende ten tijde van de aanvraag in een minnelijke- of wettelijke schuldenregeling zit, kan het inkomen van belanghebbende gelijkgesteld worden aan de bijstandsnorm wanneer er binnen het schuldentraject geen mogelijkheid bestaat om te reserveren voor kosten voor activiteiten als bedoeld in artikel 1, punt b.
** 6. .** Het (gezins)vermogen mag niet hoger zijn dan de voor hem of haar geldende normen op grond van artikel 34, tweede en derde lid Participatiewet. Vermogen in de vorm van een woning wordt buiten beschouwing gelaten. Tevens wordt een apart product waar belanghebbende niet bij kan komen, bedoeld voor begrafeniskosten, buiten beschouwing gelaten.
** 7. .** Het inkomen van belanghebbende dient in de drie maanden voorafgaand aan de aanvraag maandelijks gemiddeld niet hoger te zijn dan het inkomen als bedoeld in lid 4, onder b van dit artikel. Verder dient er in drie maanden volgend op de aanvraag geen zicht te zijn op inkomensverbetering.
** 8. .** Door middel van steekproeven wordt door het college gecontroleerd of de kosten daadwerkelijk zijn gemaakt. Nota’s, kwitanties en/of bonnen moeten door de belanghebbende gedurende een periode van 12 maanden nadat de kosten zijn gemaakt bewaard worden. Op verzoek van het college moeten deze overgelegd worden.
Artikel 6
Algemene uitgangspunten voor het verstrekken van subsidie
Onderdeel van SUBSIDIEREGELING SOCIAAL CULTUREEL FONDS GEMEENTE HARDENBERG