De zittingsduur van de leden is, behoudens tussentijdse
aftreding, gelijk aan het tijdvak van de zittingsperiode
van de leden van de gemeenteraad.
de aftredende leden zijn na hun aftreden terstond
herbenoembaar.
Indien het lid niet meer voldoet aan de hoedanigheid
waarin het is benoemd of aan de overige eisen van
benoembaarheid, dan houdt het op lid van de commissie te
zijn.
tussentijdse aftredende leden blijven zitting hebben tot
dat andere leden zijn benoemd.
Leden van de commissie kunnen te allen tijde ontslag nemen.
Degene die ter vervulling van een buiten periodieke aftreding
opengevallen plaats tot lid is benoemd, treedt af op het
tijdstip, waarop hij in wiens plaats hij is benoemd, moest
aftreden.
In geval van periodieke aftreding worden de leden zo moge¬lijk
benoemd in de eerste vergadering van elke zittingsperiode van de
gemeenteraad.
De benoeming ter vervulling van een tussentijdse vacature vindt
zo spoedig mogelijk plaats overeenkomstig het bepaalde in
artikel 2.