De rekenkamercommissie bestaat uit drie externe leden, een voorzitter en twee externe leden. De leden worden door de gemeenteraden gezamenlijk benoemd. De leden kunnen geen raadsleden zijn. De leden benoemen uit hun midden een voorzitter.
Op de voorzitter en de leden zijn de artikelen 81e, 81f en 81h van de Gemeentewet van overeenkomstige toepassing.
De rechtspositieregeling van de penvoerende gemeente is niet van toepassing op de externe leden van de Rekenkamercommissie
In aanvulling op het eerste lid kunnen de gemeenteraden besluiten om bij het begin van de benoemingsperiode van de leden, zoals genoemd in het derde en vierde lid, het aantal leden van de commissie uit te breiden tot vier leden.
De voorzitter en de leden worden benoemd voor een periode van vier jaar gelijk aan de zittingstermijn van de gemeenteraden en kunnen maximaal voor één periode worden herbenoemd.
Het vierde lid is niet van toepassing tav de voorzitter en leden die worden benoemd per 1 januari 2016. Hun zittingstermijn eindigt op de dag van de gemeenteraadsverkiezingen in maart 2018. De leden kunnen vervolgens voor één periode worden herbenoemd.
De voorzitter draagt zorg voor het tijdig en periodiek bijeenroepen van de vergaderingen van de rekenkamercommissie, het leiden van de vergaderingen, het bewaken van de uitvoering van de onderzoeksopzet en de werkwijze en het bevorderen van een zorgvuldige besluitvorming. De voorzitter voert hiertoe regelmatig overleg met de secretariële ondersteuning.
Ook bewaakt de voorzitter het budget van de rekenkamercommissie en fungeert hij als centraal aanspeekpunt voor de algemene gang van zaken rond de rekenkamercommissie.
HOOFDSTUK 2
Artikel 3
Benoeming en samenstelling gemeenschappelijke rekenkamercommissie
Onderdeel van Verordening gemeenschappelijke rekenkamercommissie BUCH 2015