Het landelijk gedoogbeleid is gericht op:
het beheersbaar maken en houden van het gebruik en de verkoop van softdrugs (cannabis);
het scheiden van markten van hard- en softdrugs;
het tegengaan van criminele activiteiten en criminele organisaties;
het beschermen van kwetsbare groepen, met name jongeren;
een afname van het gebruik van (soft)drugs onder minderjarigen.
Hoofdstuk 2.
Artikel 2.1