Voor de activiteiten die in de APV zijn geregeld, baseren we het toezicht met name op klachten en meldingen (zie paragraaf 4.14). In dit kader gaan wij uit van de eigen verantwoordelijkheid van de uitvoerder van de werkzaamheden. Voor met name de overtredingen bij hondenpoep, parkeren en het behoud van het karakter van het landschap voeren we actieve gebiedscontroles uit (zie paragraaf 4.15). De aanleg van de inrit wordt gecontroleerd door de opzichter (civiel cultuurtechnische onderhoudswerken).
De inzet hiervan draagt onder meer bij aan het realiseren van de doelstellingen:
6. Afname van de overlast die burgers ervaren van hondenpoep door preventieve maatregelen en extra toezicht
7. Afname van de overlast die burgers ervaren van zwerfafval en huishoudelijk afval in de openbare ruimte door preventieve maatregelen en adequaat optreden bij klachten of meldingen
8. Verlaging van de prioriteit die burgers geven aan het parkeren buiten de vakken door extra toezicht hierop
13. Behoud van het karakter van het landschap door het actief aanpakken van in het zicht liggende vervallen panden welke een aantasting vormen voor de omgeving of waar gevaarzetting dreigt
15. Toegankelijk houden van de openbare ruimte bij terrassen (doorgangen) en door uitstallingen bij winkels en horecagelegenheden
16. Afname van de overlast van het illegaal storten van afval door extra toezicht hierop
19. Behoud van het unieke karakter van het landschap door terugdringen van het aantal reclameobjecten en illegale opslag
21. Verminderen van de parkeeroverlast op piekmomenten bij Mosaqua
Hoofdstuk 4.
Artikel 4.8