Naar hoofdinhoud

Artikel 6

Forfaitaire berekeningswijze van de maatstaf van heffing

Onderdeel van Verordening toeristenbelasting Uitgeest 2014

Het aantal personen dat heeft overnacht, wordt met betrekking tot: vakantieonderkomens en niet-beroepsmatig verhuurde ruimten bepaald op het aantal slaapplaatsen; mobiele kampeeronderkomens en stacaravans op vaste standplaatsen en vaartuigen op vaste ligplaatsen bepaald op: 2 personen indien het aantal slaapplaatsen drie of minder bedraagt; 3 personen indien het aantal slaapplaatsen meer dan drie bedraagt; mobiele kampeeronderkomens op niet-vaste standplaatsen en vaartuigen op niet vaste ligplaatsen bepaald op de som van het aantal kampeeronderkomens en vaartuigen bestemd voor verblijf van maximaal drie personen, vermenigvuldigd met 2 en het aantal kampeeronderkomens bestemd voor verblijf van meer dan drie personen, vermenigvuldigd met 3. Het aantal malen dat door de in het eerste lid bedoelde personen is overnacht wordt: in geval verblijf wordt gehouden in vakantieonderkomens, niet-beroepsmatig verhuurde ruimten dan wel op vaste standplaatsen en op vaste ligplaatsen, welke geschikt zijn voor gebruik of slechts gebruikt mogen worden gedurende een periode van: ten hoogste zes maanden bepaald op 60; meer dan zes doch ten hoogste negen maanden bepaald op 70; meer dan negen doch ten hoogste twaalf maanden bepaald op 85; in geval verblijf wordt gehouden in mobiele kampeeronderkomens op niet-vaste standplaatsen en vaartuigen op niet-vaste ligplaatsen bepaald op 182. Het aantal mobiele kampeeronderkomens en vaartuigen als bedoeld in het eerste lid, letter c, wordt vastgesteld op het gemiddelde van een zestal tellingen gedurende het belastingjaar, waarbij iedere telling valt binnen een afzonderlijke periode van twee maanden.

Rechtspraak bij dit artikel