Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 4

Verlagingen

Onderdeel van Toeslagenverordening Wet investeren in jongeren

Gehuwden hebben recht op een wettelijk vastgesteld normbedrag zonder toeslag. Evenals bij alleenstaanden en alleenstaande ouders moet bij gehuwden rekening gehouden worden met schaalvoordelen. Deze moeten daarom worden vertaald in verlagingen. Bij de vaststelling van de hoogte van de verlagingen gelden dezelfde overwegingen als in de toelichting van artikel 3 voor de daar genoemde verhoging. De wet biedt in artikel 32 de mogelijkheid om de norm of de toeslag voor alleenstaanden, alleenstaande ouders en gehuwden (verder) te verlagen als iemand lagere algemene noodzakelijke kosten heeft als gevolg van zijn woonsituatie waaronder begrepen het niet aanhouden van een woning. Het kan daarbij gaan om de bewoning van woonruimte waaraan geen woonkosten zijn verbonden, bij voorbeeld in geval van krakers. De lagere algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan wordt in het eerste lid vertaald in de hoogte van de uitkering. Verder is het mogelijk, dat er aan de woning wel woonlasten zijn verbonden, maar vaststaat, dat deze lasten geheel worden voldaan door een derde, die elders zijn hoofdverblijf heeft, zonder dat de belanghebbende bewoner tot enig tegenprestatie is verplicht. Deze situatie kan zich bij voorbeeld voordoen na een verlating, waarbij de uit de woning vertrokken ex-partner de woonlasten van de eigen woning draagt totdat de woning is verkocht.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel