Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 4:3

Incidentele festiviteiten

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Uitgeest of APV

Het is een inrichting toegestaan maximaal 12 incidentele festiviteiten per kalenderjaar te houden waarbij de geluidsnormen als bedoeld in de artikelen 2.17, 2.19, 2.20 van het besluit niet van toepassing zijn, mits de houder de inrichting ten minste twee weken voor aanvang van de festiviteit het college daarvan in kennis heeft gesteld. Het is een inrichting toegestaan om tijdens maximaal 1 incidentele festiviteit per kalenderjaar de verlichting langer aan te houden ten behoeve van sportactiviteiten waarbij artikel 4.113 eerste lid van het besluit niet van toepassing is, mits de houder de inrichting ten minste twee weken voor aanvang van de festiviteit het college daarvan in kennis heeft gesteld. Het college stelt een formulier vast voor het doen van een kennisgeving De kennisgeving wordt geacht te zijn gedaan wanneer het formulier, volledig en naar waarheid ingevuld, tijdig is ingeleverd op de op het formulier vermelde plaats. Burgemeester en wethouders kunnen op verzoek van de houder van een inrichting een incidentele festiviteit, die redelijkerwijs niet te voorzien was, toestaan. Het college kan nadere regels vaststellen met betrekking tot de aanwijzingen zoals bedoeld in lid 1 en 2 van dit artikel.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel