Naar hoofdinhoud
1.. De belastingplichtige voor: de verblijfsbelasting; de watertoeristenbelasting; de precariobelasting; aan wie niet binnen zes maanden na afloop van het belastingjaar of kalenderjaar een aangiftebiljet is uitgereikt of een aanslag is opgelegd, is gehouden binnen een maand na het verstrijken van die zes maanden bij de in artikel 231, tweede lid, onderdeel b, van de Gemeentewet bedoelde gemeenteambtenaar een schriftelijk verzoek in te dienen om uitreiking van een aangiftebiljet. 2.. Een door de heffingsambtenaar aan de belastingplichtige toegestuurd aangiftebiljet moet de belastingplichtige binnen twee weken na de verzenddatum hiervan volledig ingevuld en met de gevraagde stukken terugsturen naar de heffingsambtenaar, tenzij de heffingsambtenaar hiervoor een andere termijn stelt. 3.. Overeenkomstig het bepaalde in artikel 8 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen dienen de in het aangiftebiljet gevraagde gegevens duidelijk, stellig en zonder voorbehoud te worden ingevuld. Het aangiftebiljet wordt ondertekend en met de daarbij gevraagde bescheiden ingeleverd of toegezonden. 4.. Als formulier van het aangiftebiljet verblijfsbelasting wordt vastgesteld Bijlage A. 5.. Als formulier van het aangiftebiljet watertoeristenbelasting wordt vastgesteld Bijlage B. 6.. Als formulier voor het aangiftebiljet precariobelasting voor buizen, kabels, draden of leidingen wordt vastgesteld Bijlage C.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel