**a..** de directeur: de gemeentesecretaris/algemeen directeur en de directeuren;
**b..** mandaat: de bevoegdheid om in naam van een bestuursorgaan besluiten te nemen;
**c..** volmacht: de bevoegdheid tot het verrichten van een privaatrechtelijke rechtshandeling;
**d..** machtiging: de bevoegdheid tot het verrichten van een handeling die noch een besluit, noch een privaatrechtelijke rechtshandeling is.
**e..** gemandateerde: de functionaris die in (onder)mandaat, met (doorgegeven)volmacht of met (doorgegeven) machtiging optreedt.
Artikel 1