Als de derde zowel een beroepschrift ex artikel 22, eerste lid, van de wet indient als een schriftelijke
mededeling doet als bedoeld in artikel 435, derde lid, Rv, dan behandelt de ontvanger eerst het
verzet ex artikel 435, derde lid, Rv, voordat hij het beroepschrift doorzendt aan het college.
Als de ontvanger daarbij van oordeel is dat het beslag kan worden opgeheven, dan bevordert hij de
intrekking van het beroepschrift ex artikel 22 van de wet. Bij een verzetprocedure beslist het college
op het beroepschrift, in die zin dat hij zich zal houden aan de uitspraak gewezen in de
verzetprocedure.
Artikel 22.8.9.