De verrekening vindt niet van rechtswege plaats. De ontvanger bepaalt of al dan niet tot verrekening
wordt overgegaan. Als de belastingschuldige de ontvanger verzoekt een bepaalde
belastingteruggaaf of een ander uit te betalen bedrag met een bepaalde openstaande aanslag of
andere vordering te verrekenen, dan willigt de ontvanger dit verzoek altijd in. Dit geldt ook als het
verzoek wordt gedaan nog voordat de teruggaaf is geformaliseerd of het uit te betalen bedrag is
vastgesteld. In dat geval schort de ontvanger de invordering echter niet zonder meer op. Zo nodig
kan de belastingschuldige om uitstel van betaling in verband met de te verwachten teruggaaf
respectievelijk het te verwachten uit te betalen bedrag verzoeken.
Artikel 24.1.