De ontvanger beschikt op grond van de wet over diverse specifieke bevoegdheden om een
belastingschuld in te vorderen. Daarnaast heeft hij alle bevoegdheden die op grond van enigerlei
wettelijke bepaling aan een schuldeiser toekomen. Dit leidt er in veel gevallen toe dat de ontvanger
zowel gebruik kan maken van zijn specifieke fiscale bevoegdheden, als van zijn algemene
civielrechtelijke bevoegdheden om zijn doel te bereiken.
De ontvanger is vrij in de keuze van de invorderingsinstrumenten die hij het meest geschikt acht voor
een juiste uitoefening van zijn taak. Als de ontvanger het wenselijk of noodzakelijk acht van fiscale
bevoegdheden over te schakelen op civielrechtelijke bevoegdheden of andersom, dan doet hij dit
alleen als het belang van de invordering opweegt tegen de belangen van de belastingschuldige en
eventuele derden.
Artikel 3.1.
Fiscale en civiele bevoegdheden
Onderdeel van Leidraad invordering gemeentelijke belastingen 2019