Bij overtreding van een der bepalingen dezer verordening, gepleegd door of vanwege een rechtspersoon, een vennootschap, enige andere vereniging van personen of doelvermogen, worden de bestuurders, de leden van het bestuur of de commissarissen, alsmede zij die tot het feit opdracht hebben gegeven of die feitelijk de leiding hebben gehad bij het verboden handelen of nalaten gestraft met een hechtenis van ten hoogste twee maanden of geldboete van ten hoogste de tweede categorie.