**1..** De uitvoeringsorganisatie controleert regelmatig of de inwoner recht heeft op een uitkering of voorziening en of hij de juiste uitkering of voorziening heeft aangevraagd of ontvangt. De uitvoeringsorganisatie kan daarvoor gebruik maken van:
periodieke heronderzoeken;
huisbezoeken: medewerkers van de uitvoeringsorganisatie gaan langs bij de inwoner en kijken in en om de woning. De uitvoeringsorganisatie kan een huisbezoek aankondigen, maar dat hoeft niet;
heimelijke waarnemingen: medewerkers van de uitvoeringsorganisatie verzamelen gegevens over de inwoner zonder dat de inwoner hierover vooraf is geïnformeerd. Dat verzamelen gebeurt bijvoorbeeld door buurtonderzoek of camera-observaties;
bestandsvergelijkingen: het college vergelijkt en controleert de actuele gegevens van de inwoner op juistheid en echtheid, met de gegevens die bekend zijn over deze inwoner bij andere organisaties, zoals bij UWV, de Belastingdienst en andere gemeenten;
signalen en tips van organisaties of particulieren;
andere passende onderzoeksmethoden.
**2..** De controle van de voorzieningen is ook bedoeld om de kwaliteit van de voorziening te beoordelen en om te kijken of de voorziening op de juiste manier wordt gebruikt.
**3..** Bij de controle van uitkeringen en voorzieningen zorgt de uitvoeringsorganisatie ervoor dat de regels die horen bij de opsporing van strafbare feiten worden nageleefd.
**4..** Bij beëindiging van de uitkering of voorziening op verzoek van de inwoner, onderzoekt de uitvoeringsorganisatie wat de reden is van de beëindiging. De uitvoeringsorganisatie gaat ook na of de uitkering of voorziening tot de einddatum terecht is verstrekt.
Hoofdstuk 3
Artikel 20
Controle
Onderdeel van Afstemmings- en Handhavingsverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ gemeente Borsele 2019