Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 9

Weigeringsgronden

Onderdeel van Algemene subsidieverordening Rijswijk 2020

Het college kan naast de in de Algemene wet Bestuursrecht genoemde gevallen (art.4:35) een subsidieaanvraag afwijzen, indien: de activiteiten van de aanvrager niet of niet in overwegende mate gericht zijn op of ten goede komen aan de gemeente of haar ingezetenen; de activiteiten in onvoldoende mate bijdragen aan (een) doel(en) passend in het beleid van de gemeente; de activiteiten waarvoor subsidie wordt gevraagd een politieke, godsdienstige of levensbeschouwelijke boodschap hebben; de aanvrager de activiteiten zelf kan bekostigen of over voldoende middelen van derden kan beschikken; de financiële continuïteit of de continuïteit van de bedrijfsvoering van de aanvrager niet is gegarandeerd; het college aanleiding ziet een Verklaring omtrent gedrag te vragen van bestuurders, werknemers en/of vrijwilligers en deze niet wordt overlegd of negatief uitvalt; deze ziet op kosten die verband houden met een jubileum, niet zijnde kosten van subsidiabele activiteiten voor breder publiek ter gelegenheid van het jubileum; en voor zover de te subsidiëren activiteiten en/of subsidieontvanger in strijd zijn of handelen met een wettelijke regeling; en voor zover de verlening een steunmaatregel zou vormen in strijd met art. 107 of 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel