Aan de Havenveiligheidsfunctionaris (Port Security Officer) wordt mandaat respectievelijk machtiging verleend om te beslissen respectievelijk handelingen te verrichten omtrent:
a. de uitvoering van de taken en bevoegdheden als bedoeld in artikel 4 van de wet;
b. de coördinatie van havenveiligheidsmaatregelen en maatregelen als bedoeld in artikel 4d van de wet;
c. het in acht nemen van algemene en bijzondere aanwijzingen bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de wet;
d. het verschaffen van inlichtingen als bedoeld in artikel 5, tweede lid, van de wet;
e. het verlenen van een instemming als bedoeld in artikel 6 van de wet;
f. de afgifte van een havenbeveiligingscertificaat met een geldingsduur van ten hoogste vijf jaar als bedoeld in artikel 7, eerste en tweede lid, van de wet;
g. het doen van een schriftelijke mededeling als bedoeld in artikel 7, derde lid, van de wet;
h. het uitvoeren van de taken, bedoeld in artikel 8 van de wet;
i. het intrekken van de instemming en het bijbehorende havenbeveiligingscertificaat als bedoeld in artikel 9 van de wet;
j. het verlenen van een ontheffing of een instemming met een gelijkwaardige beveiligingsregeling als bedoeld in artikel 10 van de wet;
k. het uitvoeren van de taken en bevoegdheden als bedoeld in artikel 11 a van de wet;
l. het uitvoeren van de taken en bevoegdheden als bedoeld in artikel 11 b van de wet;
m. de toepassing van bestuursdwang, bedoeld in artikel 125, derde lid, van de Gemeentewet voor zover nodig ter handhaving van de wet.