Naar hoofdinhoud
Lid 1 De medewerker is vrij in zijn keuze om de ambtseed of belofte af te leggen. Vooraf wordt de medewerker naar zijn keuze gevraagd. Lid 2 Het afleggen van de ambtseed of belofte gebeurt als volgt: de burgemeester, respectievelijk de gemeentesecretaris leest de tekst van de ambtseed of belofte duidelijk voor; de medewerker die de ambtseed aflegt, steekt vervolgens de twee voorste vingers van zijn rechterhand aaneengesloten op en spreekt daarbij de woorden uit: “zo waarlijk helpe mij God almachtig”; degene die de belofte aflegt, spreekt de woorden uit: “dit verklaar en beloof ik”. Lid 3 Naast de mondelinge aflegging van de ambtseed of belofte wordt het hierbij gevoegde formulier in tweevoud opgemaakt en ondertekend. Eén exemplaar wordt toegevoegd aan het persoonsdossier. Het andere exemplaar wordt uitgereikt aan degene die de ambtseed of belofte heeft afgelegd. Lid 4 Aan degene die de eed/belofte heeft afgelegd wordt de gedragscode uitgereikt

Rechtspraak bij dit artikel