De omgevingsvergunning, bedoeld in artikel 12, eerste lid, kan door burgemeester en wethouders worden ingetrokken:
als de verlening berust op onjuiste of onvolledige gegevens en de juiste of volledige gegevens tot een ander besluit zou hebben geleid;
voor zover veranderde omstandigheden of feiten met betrekking tot de activiteit waarvoor de omgevingsvergunning is verleend, zich in overwegende mate tegen voortzetting of ongewijzigde voortzetting van die activiteit verzetten.
als gedurende 26 weken geen handelingen zijn verricht waarvoor gebruikmaking is gemaakt van de omgevingsvergunning.
Artikel 13.
Intrekken van de omgevingsvergunning
Onderdeel van Erfgoedverordening gemeente Lingewaard 2019