Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 13

Vormen van woonvoorzieningen

Onderdeel van Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning 2012

Het college verstrekt woonvoorzieningen voor het – in aanvaardbare mate - wegnemen van aantoonbare beperkingen die een persoon ondervindt bij het normale gebruik van zijn woning. De te verstrekken woonvoorziening kan bestaan uit: een algemene voorziening een voorziening voor verhuizing en inrichting; een voorziening van bouwkundige of woontechnische aard in of aan een woning; een voorziening van niet-bouwkundige en niet-woontechnische aard in of aan een woning; een voorziening voor onderhoud, keuring en reparatie van een liftinstallatie in een woning; een voorziening voor tijdelijke huisvesting; een voorziening voor huurderving; een voorziening voor een uitraasruimte. De voorzieningen genoemd in lid 2 onder b, c, e, f en g worden in de vorm van een financiële tegemoetkoming verleend. De voorzieningen genoemd in lid 2 onder d worden, met inachtneming van het bepaalde in artikel 6 van de Wet, in natura of in de vorm van een persoonsgebonden budget verleend. Het persoonsgebonden budget en de financiële tegemoetkoming bedragen maximaal € 45.000,- en worden alleen verstrekt onder de voorwaarde dat door belanghebbende in de financiering van het niet door subsidie gedekte deel van de aanpassingskosten is voorzien.

Rechtspraak bij dit artikel