Een cliënt komt in aanmerking voor een maatwerkvoorziening:
ter compensatie van de beperkingen in de zelfredzaamheid of
participatie die de cliënt ondervindt, voor zover de cliënt deze
beperkingen naar het oordeel van het college niet kan verminderen of
wegnemen
op eigen kracht,
met gebruikelijke hulp,
met mantelzorg,
met hulp van andere personen uit zijn sociale netwerk,
met gebruikmaking van algemeen gebruikelijke voorzieningen,
met gebruikmaking van algemene voorzieningen.
De maatwerkvoorziening levert, rekening houdend met de uitkomsten
van het onderzoek, een passende bijdrage aan het realiseren van een
situatie waarin de cliënt in staat wordt gesteld tot zelfredzaamheid
of participatie en zo lang mogelijk in de eigen leefomgeving kan
blijven, en
ter compensatie van de problemen bij het zich handhaven in de
samenleving van de cliënt met psychische of psychosociale problemen
en de cliënt die de thuissituatie heeft verlaten, al dan niet in
verband met risico’s voor zijn veiligheid als gevolg van huiselijk
geweld, voor zover de cliënt deze problemen naar het oordeel van het
college niet op eigen kracht, met gebruikelijke hulp, met mantelzorg
of met hulp van andere personen uit zijn sociale netwerk dan wel met
gebruikmaking van algemene voorzieningen kan verminderen of
wegnemen.
De maatwerkvoorziening levert, rekening houdend met de uitkomsten
van het onderzoek, een passende bijdrage aan het voorzien in de
behoefte van de cliënt aan beschermd wonen of opvang en aan het
realiseren van een situatie waarin de cliënt in staat wordt gesteld
zo zich snel mogelijk weer op eigen kracht te handhaven in de
samenleving.
Ten aanzien van een maatwerkvoorziening met betrekking tot
zelfredzaamheid en participatie geldt dat een cliënt alleen voor een
maatwerkvoorziening in aanmerking komt als:
de noodzaak tot ondersteuning voor de cliënt redelijkerwijs
niet vermijdbaar was, en
de voorziening voorzienbaar was, maar van de cliënt
redelijkerwijs niet verwacht kon worden maatregelen te
hebben getroffen die de hulpvraag overbodig had
gemaakt.
De noodzaak tot ondersteuning langdurig is, tenzij het
leveren van een kortdurende dienst leidt tot het te bereiken
resultaat.
Als een maatwerkvoorziening noodzakelijk is ter vervanging van een
eerder door het college verstrekte voorziening, wordt deze slechts
verstrekt als de eerder verstrekte voorziening technisch is
afgeschreven,
tenzij de eerder verstrekte voorziening verloren is gegaan
als gevolg van omstandigheden die niet aan de cliënt zijn
toe te rekenen;
tenzij de cliënt geheel of gedeeltelijk tegemoet komt in de
veroorzaakte kosten, of
als de eerder verstrekte voorziening niet langer een
oplossing biedt voor de behoefte van de cliënt aan
maatschappelijke ondersteuning.
Recht op een maatwerkvoorziening bestaat slechts voor zover deze als
de goedkoopst
adequaat compenserende voorziening kan worden aangemerkt.
Artikel 3.
Criteria voor een maatwerkvoorziening
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Uitgeest 2015