Het college verstrekt een pgb in overeenstemming met artikel 2.3.6
van de wet.
Onverminderd artikel 2.3.6, tweede en vijfde lid, van de wet
verstrekt het college geen pgb voor zover de aanvraag betrekking
heeft op kosten die de cliënt voorafgaand aan de indiening van de
aanvraag heeft gemaakt en niet meer is na te gaan of de ingekochte
voorziening noodzakelijk was.
De hoogte van een pgb wordt bepaald aan de hand van en tot het
maximum van de kostprijs van de in de betreffende situatie
goedkoopst adequate voorziening in natura.
Het college stelt nadere regels over de wijze waarop de hoogte van
een pgb wordt vastgesteld.
De cliënt aan wie een pgb wordt verstrekt, kan diensten,
hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen slechts onder
voorwaarden betrekken van een persoon die behoort tot het sociale
netwerk. Het college stelt hiervoor nadere regels vast.
Artikel 6.
Regels voor pgb
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Uitgeest 2015