Het verspreiden van baggerspecie op het aangrenzend perceel was tot juli 2008 geregeld in het besluit 'Vrijstellingen stortverbod buiten inrichtingen'. Hierbij mocht licht verontreinigde baggerspecie tot 20 m uit de oever op het aangrenzende perceel worden verspreid. Het verspreiden van baggerspecie op het aangrenzende perceel is nu formeel vastgelegd in het Besluit bodemkwaliteit (artikel 35, lid f).
De '20 meter'-grens is vervallen, voortaan is dit de perceelsgrens. Voor het op de kant zetten van baggerspecie kan bijvoorbeeld worden gedacht aan het op hoogte brengen van landbouwpercelen of het herstellen of verbeteren van bestaande kades die vanuit hun functie een bepaalde hoogteligging moeten hebben (zie §2.4). Zodra het gaat om de aanleg van nieuwe kades, dan dient een ander toetsingskader te worden gehanteerd (generieke toepassing, grootschalige toepassing). Naast het aantonen van de nuttigheid, is het tevens van belang dat het gaat om het verspreiden van baggerspecie die vrijkomt uit de bestaande aangrenzende watergang.
Opgemerkt wordt dat het beschreven toetsingskader niet geldt voor het verspreiden van baggerspecie afkomstig vanuit de omgeving van riooloverstorten (tot 250 meter aan weerszijden van de riooloverstort). Deze baggerspecie wordt als puntbron aangemerkt en dit valt buiten de reikwijdte van het Besluit.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.4.1
Algemeen
Onderdeel van Besluit van de gemeenteraad van de gemeente Lelystad houdende regels omtrent het bodembeheer (Nota bodembeheer)