Voor de instandhouding, verbetering en uitbreiding van het stedelijk watersysteem voeren we in de planperiode verschillende soorten van maatregelen uit (gemiddeld investeren we jaarlijks ca. € 14,5 miljoen aan rioolverbetering en € 3 miljoen aan klimaatadaptatie). Het gaat hierbij om vervangingsmaatregelen (gemiddeld 10-15 km/jr) voor het in stand houden van de bestaande riolering en verbeteringsmaatregelen die bijdragen aan het beperken van wateroverlast en milieuschade. Denk hierbij aan afkoppelen van verhard oppervlak en het scheiden van waterstromen. Voor het bepalen van de vervangingsmaatregelen is een vergelijking gemaakt tussen een risicogestuurde benadering en een leeftijdgestuurde benadering. In de risicogestuurde benadering worden riolen later vervangen en wordt er meer gerepareerd. Dit resulteert in een afname van de vervangingsreservering van orde grootte € 390 miljoen naar orde grootte € 330 miljoen tot het jaar 2100. Door de levensduur van riolen op te rekken via (deel)reparaties totdat de technische of maatschappelijke levensduur is bereikt of werk met werk kan worden gemaakt besparen we kosten. Door de levensduur op te rekken en te sturen op een wijksgewijze vervanging van de riolering verhogen we mogelijkheden om werk met werk te maken en bij te dragen aan gemeenschappelijke doelen.
Afbeelding: risicogestuurd (links) versus leeftijdgestuurd vervangen (rechts)
In het streven naar een duurzame omgang met water en het anticiperen op klimaatverandering zal voor een deel sprake zijn van bovengrondse maatregelen zoals ontharden en vergroenen, groene daken/gevels, waterspeelplekken (tijdelijke waterberging), het verlagen van groenzones voor wateropvang en infiltratievoorzieningen. We koppelen hierbij mee met andere projecten in de openbare ruimte of nodigen partners uit om mee te koppelen als we zelf in de lead zijn. De locatie en planning van de vervangings- en verbeteringsmaatregelen stemmen we af met andere maatregelen in de openbare ruimte.
Hoofdstuk 5
Artikel 5.3