Het is een inrichting toegestaan maximaal 8 incidentele festiviteiten per kalenderjaar te houden waarbij de geluidsnormen als bedoeld in de artikelen 2.17 en 2.20 van het Besluit en artikel 4:5 van deze verordening niet van toepassing zijn, mits de houder van de inrichting ten minste twee weken voor de aanvang van de festiviteit het college daarvan in kennis heeft gesteld.
Het is een inrichting toegestaan om tijdens maximaal 8 incidentele festiviteiten per kalenderjaar de verlichting langer aan te houden ten behoeve van sportactiviteiten waarbij artikel 3.148, eerste lid, van het Besluit niet van toepassing is, mits de houder van de inrichting ten minste tien werkdagen voor de aanvang van de festiviteit het college daarvan in kennis heeft gesteld.
Het college stelt een formulier vast voor het doen van een kennisgeving.
De kennisgeving wordt geacht te zijn gedaan wanneer het formulier, volledig en naar waarheid ingevuld, tijdig is ingeleverd op de plaats op dat formulier vermeld.
De kennisgeving wordt tevens geacht te zijn gedaan wanneer het college op verzoek van de houder van een inrichting een incidentele festiviteit, die redelijkerwijs niet te voorzien was, terstond toestaat.
Tijdens het van toepassing zijn van een incidentele festiviteit, mag het geluidsniveau, veroorzaakt door de inrichting, niet meer bedragen dan de waarde, die is opgenomen in onderstaande tabel.
00.00 uur – 01.30 uur
01.30 uur tot sluitingstijd
LAr,LT op de gevel van gevoelige gebouwen
60 dB(A)
40 dB(A)
LAr,LT in in- en aanpandige gevoelige gebouwen
45 dB(A)
25 dB(A)
LAmax op de gevel van gevoelige gebouwen
80 dB(A)
60 dB(A)
LAmax in in- en aanpandige gevoelige gebouwen
65 dB(A)
45 dB(A)
De geluidswaarde als bedoeld in het zesde lid is inclusief onversterkte muziek. Controle op of berekening van de geluidniveaus moet plaatsvinden overeenkomstig de Handleiding meten en rekenen industrielawaai 1999.
Op de dagen als bedoeld in het eerste lid wordt het ten gehore brengen van extra muziek - hoger dan de geluidsnorm als bedoeld in de artikelen 2.17 en 2.20 van het Besluit en artikel 4:5 van deze verordening uiterlijk om 01.30 uur beëindigd.
Het college kan gebieden of categorieën aanwijzen waarvoor de in lid 1 beschreven vrijstelling niet geldt
Hoofdstuk 4
Artikel 4:3
Kennisgeving incidentele festiviteiten
Onderdeel van ALGEMENE PLAATSELIJKE VERORDENING GEERTRUIDENBERG 2019