1. Bij subsidies van meer dan € 50.000 dient de subsidieontvanger een aanvraag tot vaststelling in bij het college:
a. bij een jaarlijkse of meerjarensubsidie uiterlijk op 31 mei van het jaar volgend op het subsidietijdvak, waarvoor de subsidie is verleend;
b. bij een incidentele subsidie uiterlijk dertien weken nadat de activiteiten moeten zijn verricht.
2. De aanvraag tot vaststelling bevat:
a. een inhoudelijk verslag waaruit blijkt in hoeverre de gesubsidieerde activiteiten zijn verricht en aan de verplichtingen is voldaan;
b. een overzicht van de gesubsidieerde activiteiten en de hieraan verbonden uitgaven en inkomsten (financieel verslag of jaarrekening);
c. een balans van het afgelopen subsidietijdvak met een toelichting daarop; en
d. een verklaring, opgesteld door een onafhankelijk accountant:
bij een subsidie van € 50.000,-- tot € 100.000,-- zijnde een samenstellingsverklaring;
bij een subsidie van € 100.000,-- tot € 200.000,-- zijnde een beoordelingsverklaring;
bij een subsidie vanaf € 200.000,-- zijnde een goedkeurende controleverklaring zonder beperking.
3. Bij deelverordening of verleningsbeschikking kunnen andere termijnen worden vastgesteld of andere of minder gegevens worden verlangd.
Artikel 20.
Eindverantwoording subsidies van meer dan € 50.000
Onderdeel van Algemene subsidieverordening Nunspeet 2019