Naar hoofdinhoud
De Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo 2015) is op 1 januari 2015 in werking getreden. De bedoeling is dat inwoners zo lang mogelijk zelfstandig kunnen wonen. Centraal staan de behoeften en mogelijkheden van de inwoners. Daarna komt hulp van familie of anderen in de directe omgeving. Als de grenzen zijn bereikt van de eigen mogelijkheden en die van de sociale omgeving kan er ondersteuning via de gemeente komen in de vorm van algemene voorzieningen en als dat onvoldoende is kan er gekeken worden naar maatwerkvoorzieningen. De gemeente doet bij een aanvraag om ondersteuning onderzoek naar wat mensen precies nodig hebben om de zelfredzaamheid te bevorderen en om mensen zo lang mogelijk zelfstandig te laten wonen (Artikel 2.3.2. Wmo 2015). Dit gaat in goede samenspraak met de betrokkenen en/of de omgeving om te komen tot een zo goed mogelijk afgestemde dienstverlening. Als de hulpvraag genoegzaam bekend is, kan het gesprek telefonisch plaatsvinden in overleg met de inwoner. Het is essentieel dat de hulpvraag integraal wordt behandeld en beoordeeld.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel