Als jeugdigen en of zijn ouders gebruik kunnen maken van gebruikelijke hulp, hulp vanuit het sociale netwerk, een algemene voorziening of andere voorziening hoeft geen individuele voorziening verstrekt te worden. In de verordening alsmede in paragraaf 2.2 van deze beleidsregels wordt ingegaan op het beoordelingskader omtrent de verstrekking van individuele voorzieningen.