Het college verstrekt een pgb in overeenstemming met artikel 8.1.1. e.v. van de wet.
In het budgetplan is opgenomen:
de motivatie waarom het natura-aanbod van de gemeente niet passend is en een pgb gewenst is;
de voorgenomen uitvoerder van de individuele voorziening en de wijze waarop de jeugdhulp georganiseerd wordt;
op welke wijze de kwaliteit van de jeugdhulp is gewaarborgd;
de kosten van de uitvoering, uitgedrukt in aantal eenheden en tarief.
De volgende kosten zijn uitgesloten voor vergoeding vanuit een pgb:
kosten voor bemiddeling;
kosten voor tussenpersonen of belangenbehartigers;
kosten voor het voeren van een pgb-administratie;
kosten voor ondersteuning bij het aanvragen en beheren van een pgb;
kosten voor feestdagenuitkering en een eenmalige uitkering.
Als de cliënt de aan een persoonsgebonden budget verbonden taken uitvoert met hulp van de betrokken ondersteuner, diens personeel of op een andere wijze aan de ondersteuner verbonden persoon, kan een persoonsgebonden budget worden geweigerd op grond van belangenverstrengeling.
Het college beoordeelt of de jeugdhulp die de jeugdige en zijn ouders willen betrekken van een aanbieder of een persoon die behoort tot het sociale netwerk van goede kwaliteit is. Als het om ggz-behandeling gaat wordt de jeugdhulp niet betrokken van iemand uit het sociale netwerk.
Een pgb moet binnen drie maanden na toekenning worden aangewend ten behoeve van het resultaat waarvoor het is verstrekt.
Hoofdstuk 4.
Artikel 11
Aanvullende regels voor een pgb
Onderdeel van Verordening Jeugdhulp gemeente Oldambt 2019