Het College kan het nog niet afgeloste deel van het krediet tot een nader vast te stellen bedrag kwijtschelden, indien de eerste kredietnemer overlijdt.
De in het voorgaande lid bedoelde kwijtschelding geldt in ieder geval niet:
voor zover deze betrekking heeft op betalingen van achterstallige termijnen en daaruit voortvloeiende bijkomende kosten;
voor zover deze betrekking heeft op vervroegd betaalde termijnen;
indien het overlijden het rechtstreekse gevolg is van binnenlandse onlusten, epidemische ziekten, natuurrampen, oorlogsgeweld en terrorisme;
indien het overlijden het gevolg is van suïcide dan wel een poging daartoe plaatsvindt binnen zes maanden na het sluiten van de kredietovereenkomst;
indien dit uitdrukkelijk door de kredietbank en de kredietnemer is overeengekomen.
Het College kan besluiten, indien het voorgaande lid van toepassing is, wegens bijzondere omstandigheden alsnog kwijtschelding verlenen.
HOOFDSTUK IV KREDIETVERLENING › Paragraaf 6
Artikel 32
Kwijtschelding bij overlijden
Onderdeel van Bankreglement