Naar hoofdinhoud
1.. Een vergunning voor een eigen verkoopinrichting wordt alleen verleend aan vaste plaatshouders en tijdelijke vaste plaatshouders en indien dit inpasbaar is binnen de beschikbare ruimte op de markt, zoals in het inrichtingsbesluit is opgenomen. 2.. De vergunning voor een eigen verkoopinrichting wordt in ieder geval geweigerd indien: het eigen materiaal technisch niet inpasbaar is binnen de beschikbare ruimte op de markt. het eigen verkoopmateriaal niet voldoet aan de technische en esthetische eisen daaraan. 3.. Bij elke verkoopinrichting waar gefrituurd, gebakken, gebraden of verhit wordt, dient een doelmatig blusapparaat (geen water) evenals een deksel voor afsluiting van de pan(nen) aanwezig te zijn. 4.. Bij gebruik van een propaan- of een butaangasinstallatie mag uitsluitend gebruik worden gemaakt van een speciaal daarvoor volgens norm NEN-EN 1763-1 t/m 4 of NEN 5654 ontworpen rubberen gasslang. 5.. Bij vervanging van een eigen verkoopinrichting moet een nieuwe vergunning worden aangevraagd.

Rechtspraak bij dit artikel