Het college kan brandstoffen, energiebronnen of hulpstoffen aanwijzen waarvoor meldingen moeten worden gedaan aan de havenmeester voorafgaand en bij beëindiging van het bunkeren, debunkeren of aan of van boord brengen van hulpstoffen:
door of namens de houder van de bunkervergunning, of;
indien er geen houder van de bunkervergunning is het te bunkeren schip.