Naar hoofdinhoud
Op 27 september 2006 hebben Provinciale Staten het Provinciaal Omgevingsplan Limburg (POL) vastgesteld. Het POL is een integraal plan met beleid op het gebied van ruimte, milieu, waterhuishouding en verkeer en vervoer. Hoofddoel van het POL is de duurzame ontwikkeling van de kwaliteitsregio Limburg. Figuur 3-2 laat zien dat in de gemeente Gulpen-Wittem vooral de groene perspectieven van belang zijn. Het gaat daarbij om de Ecologische Hoofdstructuur (perspectief 1) en de Provinciale Ontwikkelingszone Groen (perspectief 2). De nadruk binnen deze perspectieven ligt op natuur en natuurontwikkeling en de landbouw moet altijd in relatie worden gezien met natuur en landschap. De landbouw stelt als doel om de economische positie van te landbouw te versterken en de bijdrage van de landbouw aan de kwaliteit van de leefomgeving te verbeteren. Figuur 3-3 laat zien dat bijna het gehele plangebied EHS en POG-zones omvat. EHS staat voor ecologische hoofdstructuur. De ecologische hoofdstructuur bestaat uit de bestaande bos- en natuurgebieden (waaronder de Habitat-, Vogelrichtlijn gebieden en Natuurbeschermingswet gebieden), nieuwe natuurgebieden (reservaats- en natuurontwikkelingsgebieden) en beheersgebied. Het Mariamonument wordt omringd door bos- en natuurgebied. Rondom dit bos- en natuurgebied bevindt zich nieuw natuurgebied. Evenals in het zuiden van het plangebied, waar ook nieuw natuurgebied is gerealiseerd. Verder ligt in het plangebied ook nog een strook beheersgebied, ten westen van Berghem. POG staat voor provinciale ontwikkelingszone groen. Samen met de EHS vormt de POG de ecologische structuur in Limburg. Het beleid in de POG is gericht op het versterken en ontwikkelen van natuurwaarden. De POG omvat vooral landbouwgronden als buffer rond de EHS, steile hellingen, delen van ecologische verbindingszones en gronden die een natuurkarakter krijgen. Binnen de POG blijft de landbouw ook in de toekomst een belangrijke rol spelen. Toerisme en recreatie Toerisme en recreatie zijn voor de (Zuid-)Limburgse economie van groot belang. Bovendien draagt toerisme er recreatie bij aan de kwaliteit en de vitaliteit van het platteland en de instandhouding van het cultureel erfgoed. De provincie zet in op recreatief medegebruik van natuur en infrastructuur en tegelijkertijd moet er sprake zijn van een verbetering van de omgevingskwaliteit. Het cultureel erfgoed moet in stand worden gehouden door de toeristisch recreatieve mogelijkheden van monumentale gebouwen als kloosters en kastelen uit te breiden.

Rechtspraak bij dit artikel