**1..** Het dagelijks bestuur is in ieder geval bevoegd:
het dagelijks bestuur van RDWI te voeren, voor zover niet bij of krachtens de wet of bij regeling het algemeen bestuur hiermee is belast;
beslissingen van het algemeen bestuur voor te bereiden en uit te voeren;
regels vast te stellen over de ambtelijke organisatie van RDWI;
tot privaatrechtelijke rechtshandelingen van RDWI te besluiten, met uitzondering van de privaatrechtelijke rechtshandelingen als bedoeld in artikel 5;
te besluiten namens RDWI, het dagelijks bestuur of het algemeen bestuur rechtsgedingen, bezwaarprocedures of administratieve beroepsprocedures te voeren of handelingen te voorbereiding daarop te verrichten, tenzij het algemeen bestuur voor zover het algemeen bestuur aangaat, in voorkomende gevallen anders beslist.
**2..** Het dagelijks bestuur is voorts opgedragen de uitoefening van alle taken en bevoegdheden, tenzij de aard van de bevoegdheid zich daartegen verzet, die de colleges toekomen op grond van de in artikel 4 van de regeling genoemde wetten en de daarbij behorende of aanverwante algemeen verbindende voorschriften of daarmee samenhangende regelingen, en welke bij het treffen van deze regeling door de colleges zijn overgedragen aan de RDWI.
**3..** Het dagelijks bestuur neemt, ook alvorens is besloten tot het voeren van een rechtsgeding, alle conservatoire maatregelen en doet wat nodig is ter voorkoming van verjaring of verlies van recht op bezit.
Hoofdstuk 3.
Artikel 14.