Naar hoofdinhoud
1.. Het algemeen bestuur verstrekt zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen vier weken, schriftelijk aan de deelnemende raden of colleges de door ieder van deze bestuursorganen of door een of meer van hun leden gevraagde inlichtingen. 2.. Het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur respectievelijk de voorzitter geeft de deelnemende raden en colleges schriftelijk alle informatie die voor een juiste beoordeling van het gevoerde beleid nodig is. 3. . Behoudens de verstrekte informatie uit het voorgaande lid verstrekt het algemeen bestuur driemaal per jaar informatie over de voortgang van de uitvoering van de taakstelling zoals opgenomen in het strategisch plan en de op grond daarvan geformuleerde operationele (jaar)doelstellingen. Tevens wordt daarbij inzicht verschaft in de kosten die gepaard gaan met de realisatie van die doelstellingen. 4.. Een lid van het algemeen bestuur verschaft aan de raad of het college van zijn gemeente alle inlichtingen die door die raad of dat college of een of meer leden daarvan worden gevraagd. 5.. Een lid van het algemeen bestuur is aan de raad en het college van zijn gemeente en aan een of meer leden daarvan verantwoording schuldig over het door hem in dat bestuur gevoerde beleid. 6.. Een lid van het algemeen bestuur kan door de raad van zijn gemeente als zodanig worden ontslagen, indien hij niet meer het vertrouwen van die raad bezit.

Rechtspraak bij dit artikel