Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn belast:
de buitengewone opsporingsambtenaren als genoemd in artikel 142, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering,
de ambtenaren van de politie als bedoeld in artikel 2, onder a van de Politiewet 2012, en
de bij besluit van burgemeester en wethouders dan wel door de burgemeester aangewezen personen.